Heemkronijk jaar:1974, jaargang:13, nummer:3+4, blz.32 -50

HET GESLACHT BULL POMPE

door: A.F.N. van Asten.

Vervolg van blz. 14 van het vorige nummer.

Kinderen van Goort Bulen Aleydis Bluyssen te Leende gedoopt:

1. Arnoldus Bul, gedoopt 15.4.1652 (RA leende 2) als oudste zoon. Hij trok naar Leuven om er rond 1671 aan de universiteit aldaar theologie te gaan studeren. Na de vrede van   Munster in 1648 was het ook voor een Brabander onmogelijk om in eigen land voor priester te gaan studeren. Tot de Franse revolutie zijn er 28 Leendenaren geweest die voor hun studies naar Leuven gingen; hiervan was in 1785 Jacobus van Asten uit Leende de laatste  (52).

Arnold maakte in Leuven zijn studies af, werd priester gewijd en kwam als kapelaan in Achel voor het eerst in het parochiewerk. Na verder nog als pastoor in Westerhoven werkzaam te zijn geweest, volgde na de dood op 2 dec. 1679 van de Eerwaarde Heer Josephus Melchiors, die 19 jaren in Leende pastoor was geweest, op 11 dec. 1679 zijn benoeming tot pastoor in Leende. Arnoldus Bulbleef tot zijn dood in 1694, pastoor in zijn  geboortedorp.

Over zijn  aktiviteiten als pastoor is ons niets bekend. Wel vonden we in het doop- overlijdings- en trouw (RA Leende 4), dat de eerste Leendenaar die op 13 dec 1679 door pastoor Bul gedoopt werd, Johannes heette en een zoon was van Adriaan Wilm Kennekens en Henrica Ruelens.

In de jaren 1680 tot en met 1683, de eerste vier van zijn pastoorschap, zijn er in Leende vo;gens datzelfde boek 160 kinderen gedoopt, 139 personen overleden en 57 paartjes getrouwd.

Het zijn wel moeilijke jaren geweest die pastoor Bul in Leende meemaakte. Arnold was nog geen jaar pastoor of zijn vader werd in Leenderstrijp op 28 aug. 1680  lafhartig vermoord. En dan de negenjarige oorlog die in de jaren 1688 tot 1697 ook heel wat ellende en armoede over Leende bracht. De ingezetenen hadden dikwijls brandschatting te betalen en voor de gijzelaars die de Franse troepen uit Leende mee naar Namen voerden en aldaar in de citadel gevangen zetten, moest soms heel wat losgeld betaald worden om ze weer terug vrij te krijgen. Zo zat Adriaan Pompen uit Leende met de pastoor uit Heeze in 1697 te Namen in de citadel gevangen. Bij de scheiding en deling der goederen van wijlen zijn ouders kreeg Heer Arnold Bull op 29 dec. 1680 toegewezen:

-   de voorste helft van de gelaij A, tusschen erffenisse d‘een sijde Jan Dielis Joordens, d'ander sijde Dirck Box, streckende met het een eijnde aen Jan Frans Pompen erve.

 -   een stuck ackerlandts "den pas" genaemt 1. Jan Peeter Reymen 2. Joris Geeraerts van Turnhoudt.

-   een perceel groesen genaemt den broeckbeemt in de broeckvennen onder Strijp, 1. Reym Hollen   2. Peeter Gielen Gevens   3. de Aa.

-   een perceel groesen den cleynbus   1. Jan Berchmans   2. Peeter Eeckelmans en groot  2 vaetsaet.

-   den suethoffacker  1. Hendrick Dielis kinderen   2. Maeyken Bastiaens.

-   een halff huys metten aengelach gelegen tot Strijp genaemt den Hulsbosch  1. Jan Bijnen erve   2. de straat;  hieruit moet 25 gld. gegeven worden die Jenneke Goort Bul al genieten.  (53)

Uit deze goederen verkoopt Heer Arnold in 1682 aan Sr. Jan Jacob Bijnen een perceel akkerland dat op Strijp is gelegen en den soethoff genoemd, groot 4½ copsaet liggend naast den hogen wegh aldaar. (54)

Op1 nov. l686 verkoopt Heer Arnold aan Servaes Jansse een huis met aangelag groot 5 copsaet en gelegen in de Cruysstraat naast Dielis van Dommelen en de straat. De verkoopprijs is 200 gld., hiervoor moet de debiteur 5% rente betalen met als voorwaarde dat als de koper de rente alle jaar "pront betaelt" hij alsdan maar 4 gld. per honderd heeft te betalen. (55)

Op 13 januari 1688 reisde Arnold Bul samen met Egidius van der Voort, pastoor in Heeze, naar Helmond. Ze verschenen er voor notaris Joachim Kets, openbaar notaris aldaar en maakten er beiden hun testament.

Arnold vermaakte allereerst zijn stockgoederen, familie- of erfgoederen zeggen we nu, aan zijn broeders en zusters in Leende. De meubelen die hij bezit geeft hij echter aan Egidius zijn collega-pastoor uit Heeze. Na de dood van Egidius substitueert hij ze aan Joan van Bree, geboortig van Deurne; deze laatste krijgt ze dus na het overlijden van Egidius als tweede erfgenaam in zijn bezit. Ook Egidius van der Voort maakte hierna zijn testament. Hij geeft aan zijn oude moeye (tante) het vruchtgebruik van twee obligaties ieder 1000 gld. groot en staande ten laste: de een van den raatsheer Gijselijn en de ander tot lost van de Heer Bongaerts, schepen en wonend in Roermond. Deze 2000 gld. worden na de dood van Egidius met de meubels gemaakt aan Arnoldus Bull wonend in Leende en na diens dood aan Joan van Bree geboortig tot Deurne in Peelland.

De twee pastoors vermaakten dus na de dood van een van hen, de meubels aan de langstlevende. Allemaal heel eenvoudig en duidelijk omschreven. De erfgenamen van Arnold waren het in 1694 na zijn dood, het er echter niet mee eens en probeerden om ook de meubelen toegewezen te krijgen. Dank zij de goedheid en welwillendheid van Egidius van der Voort lukte het hun. Hiervoor moest wel naar Namen gereisd worden, immers pastoor van der Voort was in die tijd door de Franse troepen als gijzelaar of ostagier in de citadel van Namen gevangen gezet.

Egidius schreef eigenhandig het volgend briefje:

"Ick Egidius heb gerenuntieert, vertheden ende gedesisteert al sulck recht van erfgenaem als tot mijn behoef is gedaan door wijlen Heer Arnold Bull en doe er afstand van."

Actum op het casteel van Namen, 7 september 1694 ter presentie van de Eerw. Heer Franciscus Rijckevorsel, priester en Heer Jacobus Glauimans, doctor in de medicijnen als getuigen.

Mij present H. van Audenhoven.

Ook vonden we nog op het tweede blad van het testament een kleine aantekening waarin Jan Bul en Joannes Baptist Beels beiden uit Leende en erfgenamen van Heer Arnold verklaren: "So is alsoo deze testament en uiterste wille betreffende Heer Egidius van der Voort geannuleert.“ (56)

In 1691 is Heer Arnold aan Jan Willems uit Leende 300 gld . schuldig wegens geleende gelden. Arnold heeft hiervoor aan Jan jaarlijks 3 gld. en 3 st. ten honderd als rente te betalen. (57) Arnoldus Buloverleed op 6 juni 1694 te Leende 42 jaar oud. Hij werd aldaar in de kerk begraven. Op zijn grafzerk waren de volgende woorden gebeiteld:

-    Heer Arnoldus hier Ieyt, eertijds gaf hij menschen spijse, spijst nu wormen totter tijd, ‘t lichaem weer uyt ‘t graf verreijse."

Na zijn dood verdelen op 19.10.1694 zijn twee broers en twee zwagers de nagelaten goederen behalve het huis en aangelach "twelk noch int gemeen blijft".

‘t Waren praktisch dezelfde goederen zoals Arnold die in 1680 had verkregen. Wilhelmus Bulkreeg hierbij enige meubilaire goederen die hij al ontvangen had en waarmede hij al tevreden was. Het huis waar Arnold in gewoond had en gestorven was en dat in de Cruysstraat lag naast Jan Maes en Baltus de Laure zijn erve, werd door zijn broers en zwagers op 14.2.1695 voor 1000 gld. verkocht aan de opvolger van Arnold, namelijk aan Heer Hendrik Hurkmans uit Asten, de nieuwe pastoor. (58)

2. Joannes Bul, gedoopt 18.4.1654 met als doopheffer Petrus Maes (RA Leende 3). (Jan volgt IV-C).

3. Dymphna Bul, gedoopt 12.10.1656 met als doopheffers Frans Pompen en Elisabeth Bull (RA Leende 3). Dymphna overleed op 15.9.1676.

4. Joanna Bul, gedoopt 24.12.1658 met als doopheffers Henricus Bull en Maria  Bluyssen (RA Leende 3). Jenneke trouwt voor de schepenen van Heeze-Leende op 21.9.1681 (RA Heeze 8) met Mr. Jan Baptist Beels die op 31.5.1656 te Bree in Belgisch Limburg was geboren.

Bij de deling der goederen van haar ouders kreeg Jenneke op 28 dec. 1680 toegewezen:

-  een perceel groesen genaemt Jenneken Thijs velt  1. Berbel Geerits   2. Joseph Bluyssen  3. de Aa.

-  een groesen buyten den Strijperdijck gelegen.

-  een ackerlandts op Strijp, item de helft van een busselken met de helft van een torffvelt gelegen in de broecken tot Strijp.

-  de achterste helft van den langenacker.

-  een acker in de breetvennen.

Mr. Jan Beels vestigde zich na zijn huwelijk als chirurgijn in Leende en kocht er op 11 maart 1682 van de broers en zuster van zijn vrouw een huis voor 1025 gld; als 40ste penning had Mr. Jan er ook nog 25 gld. 12 st. en 8 penn. bij te betalen. Dat huis lag in Leende bij de kerk. (59)   Op 3 januari 1683 verkocht hij aan St. Johan Bijnen een groese op Leenderstrijp 1. de Aa   2. Joost (= Joseph) Marcel Bluyssen   3. Barbara Geerits en   4. de lijgraeff.  (60)

Deze Johan Baptist Beels was uit een grote familie van chirurgijnen afkomstig van Bree; ook zijn  zonen en kleinzonen kozen dit beroep en trokken uit Leende o.a. naar Breda en Helmond.

Zo was er een kleinzoon van Jan Bapt. Beels met eveneens diezelfde voornaam, medicijndoctor in Breda die zich met zijn  vrouw Anna Catharina Muts rond 1765 te Helmond vestigde. Hun zoon Theodorus Nicolaes Beels, gedoopt te Helmond op 16.12.1773 was de stichter van een fundatie die nu in 1974 nog bestaat en als "Beels fundatie" in Asten nog ‘n drietal boerderijen in bezit heeft.

Jan Baptist Beels en Joanna Bul hadden in Leende 9 kinderen waarbij o.a. de zoon Theodorus gedoopt 17.8.1693 zich ook als chirurgijn te Leende vestigde en er driemaal huwde; verder was er ondermeer nog een zoon Arnoldus Joseph gedoopt 16.1.1696. Ook hij werd chirurgijn en was als zodanig in aug. 1719 op bezoek in Leenderstrijp. Hij had een oogje op Ida Eycken, dochter van Willem Eycken die vlakbij in Hamont woonde. Arnoldus was van plan om met lda te trouwen maar haar vader voelde niets voor dat huwelijk en probeerde het te verhinderen. Zo ook op 18 aug. in Leenderstrijp. Er ontstond grote ruzie, er werd gescholden en met een pistool gedreigd en het slot van alle herrie en drukte was, dat Ida mee terug naar Hamont moest! (61) Of Ida toch nog met hem getrouwd is, weten we niet, wel dat Arnoldus Joseph Beels in 1721 te Hamont woonde en er zich als meester-chirurgijn had gevestigd. (62)

Op 24 januari 1687 maken Mr. Johan en Jenneke Bul samen hun testament waarbij Jenneke alsdan blijkt ziek te zijn . (63)

Johan Baptist Beels overleed vóór 1715 in Leende. Op 9 januari 1715 deden Willem Bul en Peter van Roy hun eed als mombers over 3 toen nog onmondige kinderen van wijlen Mr. Johan Beels. (64)

5. Francisca Bul, gedoopt 7.3.1661 met als doopheffers Remigius van Vee en Elisabeth Peeters. (RA Leende 4)  Zij overleed voor 16.3.1693. Francijn kreeg op 29 dec. 1680 met haar mombers (voogden) Hendrick Smulders en Willem Bull uit de ouderlijke goederen:

-  de achterste helft van de gelaij Aa   1. Jan Dielis Joordens   2. Jacob van Asten erve.

-  een acker achter de kerk   1. Jan Anchems kinderen.

-  een acker genaemt Fredericxacker   1. erfgen. Jan Schoncken.

-  de helft van een huys met het aangelach tot Strijp   1. Jan Bijnen   2. de straat.

-  een groese genaemt de lange riest   1. Hendrick Buijkens.

-  den berckwegh en die siggen tot Strijp in de bercken.

Francijn huwde begin 1682 met Goort Dielis Coppen uit Westerhoven die reeds vóór 1685 overleed en Govert als zijn onmondige zoon achterliet.  (65)

Francijna trok naar Westerhoven en hertrouwde op 21.7.1685 voor de schepenen van Bergeijk (RA Bergeijk 5; fol. 7) met Jan Goyaarts die als jongeman in Borkel woonde. Na de dood van Francijn in 1693, hertrouwde Jan op 20.12.1696 in Bergeijks met Elisabeth Hendricx. 35   

6. Wilhelmus Bul, gedoopt 26.1.1666 met als doopheffers Gerardus van Hove en Elisabeth Frans Bluyssen. (RA Leende 4).  (Willem volgt op IV-D).

7. Maria Bul, gedoopt 1.11.1668 met als doophefster Maria de weduwe van Frans Bluyssen. (RA Leende 4)

Maria Bul overleed op 20.1.1674 te Leende.

8. Godefrida Bul, gedoopt op 30.11.1680 met als doopheffers Walter Frans Deelen en Catharina van Pelt. (RA Leende 4).

Godefrida was een dochter van Goort uit zijn tweede huwelijk met Helena Frans Deelen. Godefrida werd ongeveer drie maanden na de dood van haar vader geboren. Helena of Heylke Deelen ook wel Tielens genoemd, de tweede vrouw van Goort Bul, was te Leende op 15.2.1642 gedoopt als dochter van Frans Wouter Deelen en Heylwigis Hendrik Antonis  Smulders alias Tielens.

Heylke huwde dus eerst op 30.10.1679 met Goort Bul. Na zijn dood in 1680 hertrouwde Heylke op 6.9.1682 voor de schepenen van Heeze-Leende met Wouter Jan Wouters Verbiesen uit Heeze.

Wouter en Helena hadden als kinderen:

a. Joannes Verbiesen, gedoopt Leende 10.9.1683 met als doopheffers Antonis en Anna Verbiesen.

b. Perina Verbiesen, gedoopt Leende 1.2.1686.

Op 6.9.1692 maakten Wouter en Heylke samen hun testament. (66)

Godefrida Bul huwde met Peter van Roy, die op 5.4.1678 te Leende gedoopt was. (67) Godefrida Bul overleed te Leende op 20.5.1718.

Peter en Godefrida hadden als kinderen o.a.:

a.  Godefridus van Roy, gedoopt Leende 17.2.1707 met als doopheffers Willem Bul  en Godefrida van de Cruys.

b. Jacobus van Roy, gedoopt 17.1.1713. (RA Leende 5)

Behalve de hiervoor genoemde 8 kinderen van Goort Bul kan er ook nog een zoon Henricus Bul geweest zijn waarvan we echter de geboortedatum niet hebben kunnen vinden, wel echter zijn overlijden. In het doopboek Leende 4 heeft de pastoor opgetekend dat op 10 juli 1678 Henricus Godefridi Bul en Walterus Jacob Kolen alle beide samen te Leende zijn verdronken. Welk drama hieraan vooraf gegaan is, hebben we in de schepenprotokollen niet kunnen achterhalen. 

IV-A. Hendrik Willem Bul (zie III-A-2) werd 31.10.1633 gedoopt en overleed op 20.4.1677 te Leende.

Hij trouwde als Hendrik Willem Bul op 30.6.1658 voor de pastoor (RA Leende 3) op  7.7.1658 voor de schepenen (RA Heeze 8) met Maria Adriaen Nasen, gedoopt te Leende op 27.12.1635 en aldaar 6.10.1718 overleden. Getuige bij het huwelijk voor de schepenen was Marcelis Bluyssen, oom van de bruid; hij was immers getrouwd met Gertrudis Nasen, een zuster van Adriaen Nasen en zo een tante van de bruid.

Marie Nasen was een dochter van Adriaen Adriaenszoon Broeckmans alias Nasen. Deze Adriaen was op 5.11.1634 te Leende gehuwd met Johanna dochter van Jacob Pompen. Maria had nog twee zusters: Joanna die trouwde met Willem Willem bul (IV-B) en Helena die met Adriaen Pompen zou trouwen.

Hendrik en Maria woonden in Leende op Oisterik.

In 1675 was Hendrik Willem Bul samen met Jan Wouter Coolen borgemeester voor Oisterik en Boshoven. Op 2 januari 1669 verkoopt Hendrik met zijn vrouw en haar twee zusters Jenneke en Heyltje aan Adriaen Wouter Donckers een akker van 3½ vaetsaet die op Leenderstrijp gelegen is. (68)

Bij de scheiding en deling der goederen van Adriaen Adr. Nasen op 14 febr. 1674, krijgt Hendrik wegens zijn vrouw toegewezen:

-  de Broeckerheuvel; het achterste Strijperveld; de Maeshurck en de Ulckendonck.

Verder verkoopt Hendrik reeds op 22 juli 1675 een cijns van 7 gld. jaarlijks op Sint Jan Baptistendag te betalen uit dat perceel groese aan den Broeckheuvel. De koper is Engelbert Wouters, koopman tot Luik. Het kapitaal van deze rente is 150 gld. (69)

Hendrik overleed in 1677 op 44 jarige leeftijd.

Een week voor zijn dood maakte hij, reeds ziek zijnde, op 12 april 1677 ten overstaan van Pauwel  Smits, notaris uit Heeze, zijn testament.

Als zijn  weduwe bleef Maria met 6 onmondige kinderen achter, terwijl er drie maanden na Hendriks dood nog een dochtertje Henrica zou geboren worden. Begrijpelijk dat Maria het zeer zwaar en moeilijk had. Gelukkig voor haar en de kinderen was er de schoonmoeder Elisabeth Pompen, die zelf eveneens vroeg weduwe, haar veel heeft geholpen. Op 24 nov. 1683 deed Elisabeth afstand van haar tochtrecht van "het huys, backhuys, torfschop en aengelagh groot 1 vaetsaet". Dat huis lag op Oisterik en werd door Elisabeth zelf bewoond. De belending was aan de een zijde Stijntjen weduwe van Goort Hendrik Loeffs en de ander zijde de straat. Elisabeth deed dus afstand van haar vruchtgebruik tot behoef van de kinderen van Hendrik, haar gewezen zoon. (70)

Op 19 jan. 1685 passeert Maria als weduwe een schuldbekentenis (71) en nog in ‘t zelfde jaar waren Joseph Bluyssen en Willem Frans Pompen mombers over haar     minderjarige kinderen (72) terwijl ze in 1706 weer geld nodig heeft en alsdan aan Jan Joost Cox een rentebrief verkoopt. (73)

Op 6 april 1715 draagt Maria aan haar zoon Jan een paar stukken grond over zoals die bij testament van haar man zaliger op 12.4.1677 voor notaris Smits aan haar waren gemaakt. Dit deed Maria omdat Jan haar zoon in lange jaren tot heden toe, haar heeft bijgestaan in haar huishouding. Jan kreeg van zijn  moeder:

-  een akker "den broeckacker", gelegen naast Peeter Jan Thijs die getrouwd is met Helena Cox, eerder weduwe van Wouter van Asten. 

-  een beempt aan de broeckerheuvel, 7 copsaet.

-  den acker op de Veluw, 5 copsaet.

Al de goederen die Maria nog bezat werden op 102 gld. getaxeerd. (74)

Na haar overlijden in 1718, men noemde haar toen Maria Broeckmans vulgo Pompen, kwam er op 2 januari 1720 een deling van haar achtergelaten goederen.

Als haar kinderen en erfgenamen werden toen genoemd:

Hendrik en Jan en Hendrina gehuwd met Jan Knaepen en Anneke Wouters van Lith als weduwe van Engelbert en Petronella van Will als weduwe van Joseph en wonende in Bueren. (75)

De eerste zes zonen van Hendrik Bul en Maria (zie 1 t/m 6) werden door de pastoor allemaal ingeschreven als proles of kind van Henricus Wilhelmi Bull en Maria Adriane Nasen. Alleen de enige dochter geboren in 1677, werd als kind van Henricus  Pompen en Maria Nasen genoteerd.

Kinderen van Hendrik en Maria te Leende gedoopt:

1. Wilhelmus Bull, gedoopt 15.4.1659 met als doopheffers Jan Marcel Bluyssen en Helena Ariens (= Nasen).

Willem trekt naar Alem, 'n plaatsje ten noorden van Den Bosch vroeger liggend in Noord-Brabant, maar sinds de verlegging van de Maas behorend bij de provincie Gelderland. Aan de Brabantse kant van de Maas ligt er dichtbij Lith, 't dorp bekend door Antoon Coolens roman "Dorp aan de rivier", tevens de plaats waar Willems broer Engelbert zich heeft gevestigd.

Willem huwde op 16.2.1694 te Alem met Cathelijn Spieringhs toen weduwe van Goossen van Herweynen. De huwelijksakte hierover luidde als volgt:

-  Op huyden den 16 feb. 1694 soo hebben Willem Hendricx Bul, jongeman van Leent en Cathelijn Spieringhs wed: Goossen van Herweijnen beijde woonachtich tot, off in de heerlijkheijt van Alem haer laten bevestigen naer voorgaende drij behoorlijcke sondaeghse proclematie met clock geslagh aen de gebode voor alleman op gehoorlijck s'lants zegel doer Bern. Heymans vorster der voorn. heerlijckheijt onverhindert gedaen zonder eenige tegenspraeken inden christelijcken huwelijcken staet in de raetcamer der heerlijckheijt Alem, ter presentie van Jan Jansz. Groen ende Hendrick Pompen, schepenen. (76)

De als schepen genoemde Hendrick Pompen was een zoon van Willem Pompen: deze laatste was een broer van Elisabeth. (zie III-A)

Willem Pompen was reeds rond 1658 naar Alem getrokken en had zich aldaar gevestigd.

Willem Bul en Cathelijn hadden in Alem enkele bezittingen. Zo staat er in ’n Alems protokol: een stuk land gelegen onder de sluys onder Alem langs de dijk gelegen toebehorend Gerrit Willems van Housel en Willem Bul. (77) Op 18 juli 1704 komt voor de schepenen van Alem een Gerardus de Cock uit Maren verklaren dat hij op 30 mei l.l. geweest is ten huize van Willem Bul alias Pompen te Alem en aldaar heeft ontmoet de rentmeester die een landerij zou gaan verpachten. (78)

Willem overleed vóór 1716. Kinderen zijn  onbekend. Op 26 nov. 1716 compareerde voor de schepenen van Alem Catharina Spierings, laatst weduwe van Willem Pompe.

Ze verkocht voor 150 gld. aan Joseph Pompe en Petronella van de Wiel (zie V-D) een huis en de helft van de grond waar het huis opstaat en gelegen is te Alem. (79)  In 1725 komt ze als weduwe van Willem Pompen voor notaris J. v. Brugge in Den Bosch en machtigt ze Peter Gerardus van der Steen om voor haar een perceel land te verkopen dat in St. Michielsgestel is gelegen. (80)

2. Jacobus Bul, gedoopt 4.11.1660 met als doopheffers Angelus Pompen en Gertrudis   Pompen. Jacob overleed op 18.5.1719 te Leende. Hij heette toen Jacob Hendrik Bull vulgo Pompen. Dat "vulgo" en ook "alias-" kunnen we verklaren als "anders geheten".  

3. Engelbertus Bul, gedoopt 1.7.1663 met als doopheffers Elisabeth Willem Bull (zijn    grootmoeder) en Frans Pompen. Genoemd als Engelbert Pompe volgt Hij op V-A.

4. Henricus Bul, gedoopt 17.9.1668 met als doopheffers Godefridus Bull en Geertrudis Josephs. (hij volgt V-B).

5. Joannes Bul, gedoopt 2.5.1671 met als doopheffers Wilhelmus Peter Maes en Catharina Wils. (hij volgt V-C).

6. Josephus Bul, gedoopt 14.4.1674 met als doopheffers Joseph Bluyssen en Johanna Nasen.  (hij volgt als Joseph Pompen op V-D).

7. Henrica Bul, gedoopt 2.7.1677 met als doopheffers Adriaen Frans Pompen en Digna Nelemans.

Haar vader was toen reeds bijna drie maanden overleden.

Henrica trouwde op 9.4.1714 voor de pastoor met Jan Knapen uit Leende (RA Leende 5). Ze overleed in 1720. Hun kinderen te Leende gedoopt:

a. Anna Knaepen, gedoopt 27.3.1714, doopheffers Frans Knaepen en Maria Nasen dicta van den Broeck.

b. Henricus Knaepen, gedoopt 14.10.1715 met doopheffers Jan Henrick Bull en Helena Naesen.

c. Jacob Knaepen, gedoopt 9.7.1717.

Jan erfmangelt (ruilen zouden we nu zeggen) op 4.1.1720 met Willem Bull, schepen in Leende. Hij draagt aan Willem een akker over, geheten "dat lant agter Geerit Bartels gelagh" groot 72½ roeden. Willem geeft hiervoor aan Jan "het gelagh van Maria Driessen" te Boshoven naast Sijn Gerrit Sijnen gelegen. (81)

In 1721 is Jan als weduwnaar van Henrica, aan Jan Hendrick Bull zijn  zwager, een som van 50 gld. schuldig. (82)

Op 2.3. 1721 hertrouwt Jan Knaepen voor de pastoor van Leende met Anna Dirckx.

We willen even opmerken dat alleen bij de doop van Henrica in 1677, haar ouders genoemd werden, Henricus Pompen en Maria Nasen.

IV-B. Wilhelmus Willem Bul, (zie III-A-3) werd op 13.4.1636 gedoopt met als doopheffers Remigius Vee en Elisabeth Bul. Willem overleed op 5.3.1682 te Leende.

Hij trouwde voor pastoor en schepenen (RA Leen de 4 en RA Leende 8; fol. 52 verso) met Jenneke Nasen, gedoopt te Leende op 28.5.1640. Getuige bij het huwelijk voor de schepenen was Frans Hendrik Pompen, oom van de bruidegom van moeders- zijde.

Jenneke was een zuster van Maria die met Hendrik Bul getrouwd was (IV-A).

Jenneke overleed te Leende op 25.7.1681, ze had toen 6 onmondige kinderen, haar man overleed 8 maanden later.

Op 6 januari 1682 compareert Willem Bul voor de schepenen als weduwnaar vanJenneke. Hij verkoopt alsdan het in Strijp gelegen pompeneusel krachtens het testament dat hij met zijn vrouw voor notaris Pauwel Smits uit Heeze op 12.10.1680 had  gemaakt. (83)   Vrij spoedig hierna is ook hij overleden en werden Adriaan Frans Pompen en Cornelis Geerits alias Nelemans aangesteld als momboirs over de 6 minderjarige kinderen. (84) Deze voogden verkopen op 19 januari 1683 voor die 6 kinderen een huis te Leende en land aldaar in de langhacker. (85) Inmiddels zijn deze kinderen op 30 dec. 1698 weer voor de schepenen verschenen, ze  zijn nu allen meerderjarig en bedanken mede voor hun broer Jacob in het buitenland verblijvend hun voogden voor de diensten en al het werk dat ze met hen gehad hebben. Ze verklaren dat alle zaken nu naar  behoren zijn afgewerkt en dat de voogden van hun eed kunnen ontheven worden: ze hebben immers hun taak verricht. (86)

Veertien dagen later zijn al de 6 kinderen op 15 jan. 1699 weer bijeen en delen nu de goederen van hun ouders en ook nog bezittingen achtergelaten door hun grootmoeder Elisabeth Pompen. (87)

Volgens het in het gemeentearchief Heeze berustend Landboek II heeft op fol. 175       Willem Willem Bull in de Leenderstraat als eigendom gehad:

- het huys met aangelagh 21 roeden    = nu Arien Frans Pompen.

- den beemt in de Ren, 115 r.   = nu Willem Pompen en Jacob Pompen ieder half (dit zijn twee zonen die  hier Pompen worden genoemd).

- den beempt in de kooybroecken 128 r.     = nu Hendr. Willem Pompen. (ook een zoon)

- het pompeneusel, 83 r.    = nu Aert Janss. van Sechelen.

- den schaeracker met het heusken, 92½ r.    = nu Francis Cnapen.

- den renvoort, 82 r.    = nu Francis Cnapen.

- dat lant in de craensetten, 75½r.    = nu Willem Pompen .

- dat heufken aan de broeckerheuvel, 12½ r.    = nu Francis Cnapen.

- lant in de Strijperackers, 40 r.    = nu Teunis Jewens.

- lant in de langhacker, 59 r.    = nu Hendrik Pompen.

- lant Omtrent de Veestaer, 64 r.    = nu Hendr. Willem Pompen.

- de Rey,    = nu Hendr. Willem Pompen.

Het is wel opmerkelijk dat in dit Landboek de kinderen van Willem Bul allemaal de       achternaam Pompen hebben. Mede door de perceeltjes grond in dit Landboek hebben we de puzzel Bul - Pompe(n) kunnen oplossen.        

Kinderen van Willem en Jenneke gedoopt te Leende:

1. Wilhelmus Bul, gedoopt 9.12.1665 (RA Leende 4) met als doopheffers Godefridus van Pelt en Elisabeth Pompen. Hij overleed na 1700.

2. Adrianus Bul, gedoopt 17.8.1667 met als doopheffers Adrianus Nasen en Gertrudis  Nasen. In doopboek Leende 4 staat dat Adrianus een zoon is van Wilhelmus Pompe en Joanna Adriaen Nasen.

3. Joanna Bul, gedoopt waarschijnlijk rond 1669.

Zij trouwt op 28.8.1701 te Leende voor de pastoor met Frans Knaepen. Deze Frans was toen weduwnaar van Maria van Dommelen, met wie hij als Frans Knaepen Werthensis (uit Weert afkomstig) voor de pastoor in Leende getrouwd was en waarbij hij op 7.5.1700 een zoon Jacob had, doopheffer was toen Gerardus Knaepen.

Kinderen van Frans en Joanna te Leende gedoopt:

a. Maria Anna Knaepen, gedoopt 9.11.1703 (RA Leende 5)

b. Joanna Knaepen, gedoopt 30.3.1706, doopheffers Henricus Wilhelmus Bull en Henrica Henricus Bull. 

c. Wilhelmus Knaepen, gedoopt 12.9.1708, huwde Geertruy Verhoeven.

d. Henricus Knaepen, gedoopt 4.9.1710, doopheffers Joannes Henricus Bull en Maria Joannes Engelen.

Bij hun huwelijk en ook bij de doop van enkele kinderen schreef de pastoor eerst Joanna Pompen om die naam vervolgens door te strepen en er Joanna Wilhelmus Bull boven te schrijven. (88)

4. Henricus Bul, gedoopt 25.4.1672, doopheffers Anthonis Jan Martinis en Marijke Adriaan van Roy. Henricus Willem Bull overleed begin juni 1720 in Holland (RA Leende 5: obijt in Hollandia)

5. Digna Bul, gedoopt 15.3.1675, met doopheffers Joannes van Pelt en Maria Versantvoort. Ze huwde met Herman van Rietem die in Rotterdam heeft gewoond. Op 31 juli 1720 verkoopt Herman van Rietem wonend in Rotterdam en gehuwd met Digna aan Francis Knapen uit Leende: 

- d'een helft onbedeelt van een perceel beemt groese, groot int geheel 128 roeden, genaemt “den beemt in de koybroecken” 1. Hendr. Joosten 2. de weduwe Jan Pompen 3. de Aa 4. Jacob Jan Dielis

- d'een helft onbedeelt van 59 roeden ackerlant "dat lant in de Langhacker".

- de helft van ackerlant in de Veestraat, 64 r.

- een vierde part van perceel erffs sijnde heijde ende gebust, 1½ vaetsaet "De Rey" genaemt . (89)

6. Jacob Bul, gedoopt 15.4.1677, doopheffers Marcel Bluyssen en Elisabeth Bull (de grootmoeder). Ook hier werd de vader genoemd Wilhelmus Pompe.

7. Angela Bul, gedoopt 14.10.1680, doopheffers Cornelis Nelemans en Maria Nasen. Angela is reeds voor 1683 overleden.

Of de 4 zonen Willem, Adriaan, Henrick of Jacob getrouwd zijn , hebben we in Leende niet kunnen vinden, evenmin waar ze heen getrokken waren. In Druten, Leeuwen en Horssen (Gld.) wonen nu nog families Bull.

IV-C Joannes Bul (zie III-B-2), gedoopt 18.4.1654 en overleden 22.3.1705 te Leende. Hij trouwde op 14.11.1677 voor de schepenen van Heeze-Leende met Maria Dielis Venten ook wel genoemd Maria Dielis Goossens alias Venten. (90) Maria werd op 25.9.1659 te Leende gedoopt met als doopheffers Wolter Jansen (Venten) en Dympna Goossens. Maria is een dochter van Egidius Jansen (Venten) die op 8.12.1658 te Leende voor de pastoor was getrouwd met Maria Adriaen Hoeben.

Bij de erfdeling der goederen van zijn ouders op 29 dec. 1689 kreeg Jan toegewezen:

- een beemptien in de langhstraet.

- een beemptien "het dijckbeemptjen“ genaemt, gelegen aen den Oisterickerdijck.

- een beempt gelegen in de Rije, bij de Aa.

- een acker bij den kerckpath.

- een acker tot Boshoven achter het Iooffven.

- een acker tot Strijp genaemt den gelaesdrager, gelegen naast erfenis de kinderen
Hendrick Dielis.

- d‘een helft van een busselken met de helft van een torffvelt in de Striiperbroecken.

- In 1682 zien we Jan Goort Bul en Maria samen optreden met Peerken weduwe van Jan Arien Hoeben en haar twee meerderjarige zonen Anthonis en Willem Hoeben. (91)

In het jaar 1687 zijn Jan Joost Cocx en Jan Goort Bul pachters van de Strijper
korenthiende. Deze thiende was eigendom van de nonnen van Keysersbosch bij
Nunhem en werd jaarlijks in het openbaar aan de hoogst biedende verpacht. De
pachters kregen hierdoor het recht om van de korenoogst die de boeren uit Strijp
gewonnen hadden één tiende te vorderen. (92)

Rond 1694 was Jan samen met zijn zwager Mr. Johan Beels nog in Helmond over een
erfenis van zijn heerbroer Arnold Bul de pastoor. Op 14 juli 1694 werd Jan schepen
van Leende. Hij legt dan de vereiste eed daarvoor af in handen van de drossaard Johan de Jongh.

Jan kwam als schepen in de plaats van de overleden Reym Hollen en vormde met Jan
Joost Cox, een andere Leendenaar en verder drie personen uit Heeze en twee uit
Zesgehuchten, het totaal uit 7 personen bestaande schepencollege der heerlijkheid.

Behalve schepen was Jan Bul ook nog herbergier.

In 1701 bedankte Jan Bul als schepen en kwam er Gerrit Hendrick van Lieshout in zijn plaats. (93)

Jan woonde op Oisterik, hij maakte op 10.3.1705 zijn testament en is vrij kort hierna overleden. (94) De goederen van zijn weduwe werden op 8 nov. 1724 verdeeld tussen de 4 kinderen.

Kinderen van Jan en Marie te Leende gedoopt:

1. Aldegonda Bul, gedoopt 29.7.1678 (RA Leende 4) met alsdoopheffers Joannes Bijnen en Joanna Bull.

Ze trouwt op 12.8.1708 voor de schepenen van Heeze-Leende met Jan Versparren (van der Paren) j.m. uit Bergeijk. Voor de pastoor werden ze op 12.8.1708 genoemd: Aleydis Bull en Joannes van der Perre.

Op 7 jan. 1724 verkopen Hendrick Jan Bull en Jan Bakermans alsmombers over Jennemarie, onmondige dochter van Jan Versparren en Allegonda Bull, een huis gelegen op Leenderstrijp. (95)

2. Maria Bul gedoopt 20.2.1682, doopheffers Godefridus Koppens en Aldegonda Hendrik Bitters. Ze overleed na 1756.

Zij trouwt voor de schepenen op 26.4.1712 en voor de pastoor op 1.5.1712 (RA Heeze 8 en Leende 5) met Jan Laureysen Baekermans. Hij overleed voor 1756. Jan was molenaar en pachtte in 1713 voor de tijd van 3 jaar de windmolen van Soerendonk.

Op 25 april 1713 verschenen Leendert Franssen alias Vee uit Leende en Maria Dielis Venten weduwe van Jan Bul voor de schepenen van Heeze-Leende. Zij stellen zich beiden borg voor de pachtpenningen zoals die volgens de voorwaarden van 20 april 1713 door Heer 's-Gravensande, president der stad 's-Hertogenbosch en rentmeester van de domeinen der baronie van Cranendonck waren opgemaakt. (96)

Bij de deling der goederen van Maria Bul weduwe van Jan Bakermans werd op 9.4.1756 o.a. een Aldegonda genoemd. Deze Aldegonda Bakermans verkocht in 1769 te Leende een akker die werd vernaderd door Hendrik Pompen off Bull wonend in 's-Hertogenbosch. (97)

3. Godefridus Bul, gedoopt 24.2.1684 met alsdoopheffer Arnuldus van Pelt. Goort werd naar zijn grootvader genoemd, hij schijnt ongehuwd gebleven te zijn ; zijn goederen werden in 1730 verdeeld.

4. Egidius Bul, gedoopt 3.4.1687, doophefster Maria Jan Hoeben. Egidius of Dielis werd naar zijn grootvader van moederszijde genoemd. Dielis overleed op 28.12.1719 in Leende.

5. Henricus Bul, gedoopt 20.11.1691 met alsdoopheffers Cornelis van Deursen en Maria Hollen. Zijn goederen kwamen in 1732 aan Jan Bakermans.

6. . . . . . . . . ., zoon, gedoopt 3.9.1694, doopheffers Joannes Goyers en Maria Bitters.

IV-D. Wilhelmus Bul (zie III-B-6) gedoopt 26.1.1666 en op 14.11.1749 te Leende overleden (RA Leende 6). Willem trouwde op 28.10.1691 voor de pastoor met dispensatie van derde graad van bloedverwantschap en voor de schepenen te Leende met Maria Gerrit Hollen. (RA Leende 6 en Heeze 8).

Maria Hollen was een dochter van Gerrit Peter Hollen die op 20.7.1664 te Leende was getrouwd met Catharina Hendrik Maes. Deze Gerrit Peter Hollen was een zoon van Peter Laureys Hollen; Gerrit Hollen was uit Achel afkomstig en was aldaar eerder gehuwd geweest met Maria Andries Daris. Ze hadden in Achel als kinderen:

a. Dirck Hollen, geb. ± 1660, in 1690 overleed hij als teut in de stad Herford (Westfalen), hij handelde in koper en was dus 'n koper-teut.

b. Helena Hollen, geb. ± 1662, huwde te Leende op 22.7.1685 met Aert Goort van Engelen, eveneens als teut (handelaar) dikwijls in Westfalen.

ln 1664 hertrouwde Gerrit Peter Hollen met Catharina Hendrik Maes uit Leende. Catharina overleed vóór 1717. Bij dit huwelijk was haar broer Joost Maes getuige, samen met Hendrik en Thonis Hollen, twee broers van de bruidegom. Uit dit tweede huwelijk werden gedoopt:

c. Peter Hollen, gedoopt Leende 12.12.1666. Deze werd later de bekende pastoor R.D. Petrus Hollen in Utrecht.

d. Maria Hollen, geb. ± 1668. Ze huwde in 1691 met Willem Bull met dispensatie derde graad van bloedverwantschap. Immers Maria's grootvader Hendrik Maes was een broer van Willem Bul's grootmoeder Dymphna Maes.

e. Henricus Hollen, gedoopt 6.12.1673 (RA Leende 4). Ook Hij werd priester, overleed na 1738.

f. Catharina Hollen, gedoopt 9.3.1677.

Bij de deling der goederen van zijn ouders op 29 dec. 1680 kreeg Willem Bul met zijn mombers Hendrik Smulders en Willem Willem Bull toegewezen:

- een beemptgroese in de Schammerden bij de Aa.

- een groese in den nieuwendijck.

- een perceel ackerlants genaemt het doorveltjen gelegen int swartlandt.

- d'een helft van den langenacker, een ackerken en een stuck ackerlant naast Jan Bijnen en Frans Cox.

- een stuck lants neffen Jan Alen erffenisse.

Op 4 dec. 1697 huurt hij van zijn schoonvader het brouwhuis. Dit brouwhuis lag achter het huis van Gerrit Hollen en bevatte o.a. een brouwketel, kuypen, tonner vlooten enz.

Willem de huurder, "sal gehouden wesen het brouwgereetschap in goede reparatie te onderhouden ende dat voor den tijd van vier jaeren met twee jaeren malcanderen behoorlijck te comen opzeggen, wie het van beijde zal comen te berouwen, ende belooft den voorn. huerder boven de reparatie, jaerlijcx te betalen de somme van 10 gld. etc. " (98)

Evenals zijn broer Jan werd Willem ook schepen van Leende. Op 19.2.1709 legde hij volgens het formulier van 1.4.1660 op een peen (boete) van 60 gouden realen, de eed daarvoor af. (99)

Ook is Willem lange jaren pachter geweest van de rijdende klamp korenthiende te Leende die toebehoorde aan het klooster van Keyserbosch. (100)

Bij de erfdeling der goederen van zijn schoonvader Gerrit Hollen, die zijn tochtrecht op 17.6.1717 had afgestaan, kreeg Willem het huis waar zijn schoonvader altijd in gewoond heeft en dat gelegen is op Oisterik; ook het daarnaast gelegen brouwhuys en aangelach werd Willems eigendom. Alleen het "cleyn huyske aan de straet" reserveerde Gerrit voor zich om er zelf in te gaan wonen. (101)

Willem was nu dus naast schepen en brouwer ook nog eigenaar van een bierbrouwerij geworden, wel enig verschil met het schoenmakersvak. Op 19 september 1708 verklaarde Willem Goort Bull dat hij "in den jare 1681 als knegt is gaan wonen bij Willem Frans Pompen om het schoenmakersvak te leeren." (102)

Uit een in 1721 samengestelde lijst met inwoners van Leende blijkt dat er van de 8 kinderen die Willem en Maria gehad hebben er in 1721 nog slechts twee van in leven zijn n.l. Arnoldus en Allegonda, verder waren er naast Willem en Maria de vrouw, nog in huis Geerit Hollen de schoonvader, Seytien de nicht, Jan de knecht, Catalijn en Hendrien de dienstmeiden, totaal 9 personen waarvan er drie onder de 16 jaar waren. (103)

Willem woonde op Oisterik, hij bezat er ook nog een huis, afkomstig van Francijn Reymen, waarvan hij een deel liet gebruiken door de ingezetenen van Oisterik om "in her selve hunnen godsdienst te plegen". Willem vroeg hiervoor 4 gld. per jaar, als interest van de penningen die hij betaald had aan reparaties. (104)

Willem behoorde tot de gegoede ingezetenen, zijn schepenambt leverde hem per jaar 12 gld. 10 st. op!

In 1730 betaalden de borgemeesters aan Wilhelmus Bull en Dirk Bax ieder 12 gld. 10 st. . "zijnde hun ordinair tractement als schepen voor het vaceren, int maeken en formeren der collectboeken en lijsten, soo voor de collecteurs der gemeene ’s landts middelen van consumptien als borgemeesters, visiteren der stallen, vercopen van gemeentstorff en hout en voorts generalijk voor't overstaen en teijkenen der rekeningen van de voors. middelen , als mede die der verpondinge en coninxbede, mitsgaders dese borgemeesters reekeningh, en verdere binnen corporeele diensten jaerlijx voorvallende . . . . . . . . ...." (105)

Op 29 nov. 1735 werd er geconstateerd dat er aan de brouwerij van schepen Wilhelmus Bull op een plaats daar bijna niemand komt, "is getragt brand te causeren!" (106) Her resultaat was dat de brouwerij voor het grootste deel afbrandde.

Hendrina Willem Wijnen, oud 23 jaar, als dienstmeid wonend bij Jacob Maas die vlak naast Willem Bul woonde, kwam op 23 dec. 1735 voor de schepenen een verklaring afleggen over wat zij gezien had. (107)

Kinderen van Willem en Maria re Leende gedoopt:

1. Godefridus Bul, gedoopt 28.11.1692 (RA Leende 5) vermoedelijk jong overleden.

2. Catharina Bul, gedoopt 31.1.1695.

3. Arnoldus Bul, gedoopt 5.10.1697 (RA Leende 5), doopheffer R.D. Petrus Hollen pastoor in Utrecht en oom van de dopeling (Arnoldus Bul volgt V-E).

4. Gerardus Bul, gedoopt 25.2.1700, vermoedelijk jong overleden.

5. . . . . . . zoon, gedoopt 13.2.1702 (RA Leende 5), naam van de dopeling niet ingevuld, doopheffers waren R.D. Henricus Bull, Rector Hussensis (in Gelderland?) en Margaretha Hollen uit Achel. Deze priester Henricus Bul is zeer waarschijnlijk te Leende gedoopt op 8.11.1663 als zoon van Arnoldus Bull en Geertruy Jan Bitters (zie blz. 11 onder 1a van het vorige nummer).

6. Petrus Bul, gedoopt 13.11.1704.

7. Henricus Bul, gedoopt 9.5.1707, doopheffers R.D. Wilhelmus Meelen Weerthensis en Elisabeth Bluyssen.

8. Aleydis Bul, gedoopt 20.3.1710.

Van deze 8 kinderen waren b|ijkbaar in 1721 slechts Arnoldus en Aleydis nog in leven. 

( wordt vervolgd.)

 

BRONNEN:

52 De Brabantse Leeuw, jaarg. 7, blz. 33 ev.: "Naamlijst van studenten afkomstig van de Meierij, studerend aan de Leuvense universiteit 1654-1796", door pastoor H. Hens.

53 RA Heeze R99, folio's 197 verso t/m 199; d.d. 29.12.1680.

54 RA Heeze R100; fol. 29 verso; d.d. 24.8.1682.

55 RA Heeze R100; fol. 188 verso; d.d. 18.11.1686.

56 Helmond N 2552; d.d. 13.1.1688 in map 1688. Heer Lucas de Haes, praktezijn te Helmond was getuige.

57 RA Heeze R100; fol. 357; d.d. 13.1.1691.

58 RA Heeze R 102; fol. 125; d.d. 19.10.1694. RA Heeze R 80a; losse stukken; d.d. 14.2.1695. "seeker huys met klein huysken, hof en aangelagh, een vaetsaet".

59 RA Heeze R 100; fol. 12 verso; d.d. 11.3.1682. Die verkopers in 1682 waren Heer Arnold met zijn broers Jan en Willem (de laatste nog onmondig) en Goort Dielis Coppen toen reeds met Francijn gehuwd.

60 Ra Heeze R 100; fol. 42; d.d. 3.1.1683.

61 RA Heeze R 150; fol. 156; d.d. 18.8.1719.

62 RA Heeze R 15; fol. 196; d.d. 5.12.1721.

63 RA Heeze R 149; fol. 74 verso; d.d. 24.1.1687.

64 RA Heeze R 15; fol. 1; d.d. 9.1.1715.

65 RA Heeze R 102; fol. 78; d.d. 16.3.1693.

66 RA Heeze R 150; fol. 54; d.d. 6.9.1692. Wouter overleed te Leende op 8 2 1693 hij was een zoon van Jan Wouter Verbiesen en Aeltjen Sijnen.

67 Adriaen van Roy en Heylwigis zijn vrouw hadden o a de navolgende kinderen:

a. Joannes van Roy, ged. Leende 2.10.1633. Hij huwde op 30.4.1662 te Leende met Lucia Jan Maes dr. Lucia was op 2.12.1638 gedoopt als dochter van Jan Frans Maes en Maria Jan Boonen, beiden uit Leende. Jan en Lucia hadden een 8-tal kinderen, hierbij was Peter van Roy, gedoopt 5.4.1678, deze Peter huwde met Godefrida Bul.

b. Joanna van Roy, ged. 13.3.1638.

c Antonis van Roy, ged. 2.2.1642. Anthonis woonde in 1681 te Overschie als weduwnaar van Aeltjen Jan Maes. (zie RA Heeze R 99; fol. 209 verso).

d. Maria van Roy, ged. 2.4.1643 te Leende.

68 RA Heeze R 98; blz. 345; d.d. 2.1.1669.

69 RA Heeze R 99; fol. 64 verso; d.d. 22.7.1675.

70 RA Heeze R 100 ; fol. 73; d.d. 24.11.1683.

71 RA Heeze R 100; fol. 401; d.d. 19.1.1685.

72 RA Heeze R 12; fol. 125 verso; d.d. 1685.

73 RA Heeze R 104; fol. 21; d.d. 31.12.1706.

74 RA Heeze R 105; fol. 42 verso; d.d. 6.4.1715.

75 RA Heeze R 157; fol. 6 verso; d.d. 2.1.1720.

76 RA Arnhem Alem inv. nr. 538D.

77 RA Arnhem Alem R 41; folio 113; d.d. 20.5.1702.

78 RA Arnhem Alem R 41; fol. 130; d.d. 18.7.1704.

79 RA Arnhem Alem R 42; fol. 16 verso en 17; d.d. 26.11.1716.

80 Den Bosch 3015; fol. 451; d.d. 5.10.1725.

81 RA Heeze R 105; fol. 213; d.d. 4.1.1720.

82 RA Heeze R 105; d.d. 15.2.1721.

83 RA Heeze R 100; fol. 3; d.d. 6.1.1682.

84 RA Heeze R 12; fol. 41 verso; d.d. 5.1.1683.

85 RA Heeze R 100; fol. 50 verso; d.d. 19.1.1683.

86 RA Heeze R 13; fol. 126 verso; d.d. 30.12.1698.

87 RA Heeze R 151; fol. 93 verso; d.d. 15.1.1699.

88 Er is uit de doopboeken van Leende enz. een uitgebreide genealogie Kna(e)pen op te stellen.

89 RA Heeze R 105; fol. 242 verso; d.d. 31.7.1720.

90 RA Heeze R 103; fol. 139; d.d. 9.12.1700; zie ook fol. 173 verso; d.d. 1701. RA Heeze R 12; fol. 52 verso; d.d. 1683; Jan Goort Bul gehuwd met Maria dr. Dielis Jan Venten.

91 RA Heeze R 100; fol. 17; d.d. 25.4.1682.

92 RA Heeze R 149; fol. 89; d.d. 1687.

93 RA Heeze R 13; fol. 41; d.d. 14.7.1694; ook fol. 173 en fol. 197; d.d. 20.4.1701.

94 RA Heeze R 104; fol. 59; d.d. 10.3.1705. RA Heeze R 105; fol. 36 verso; d.d. 25.2.1715.

95 RA Heeze R 106; fol. 80 verso; d.d. 7.1.1724.

96 Eindhoven R 567; stuk nr. 80; d.d. 25.4.1713.

97 RA Heeze R 116; fol. 161; d.d. 1769.

98 GA Heeze; ‘n 7 tal verhuurcedullen (ongeordend).

99 RA Heeze R 14; fol. 79; d.d. 19.2.1709.

100 RA Heeze R 174; fol. 1; d.d. 31.1.1766.

101 RA Heeze R 156; fol. 47 verso t/m 50; d.d. 17.6.1717.

102 RA Heeze R 153; fol. 73; d.d. 19.9.1708.

103 GA Heeze: Quohier ofte Lijste der Hooffden binnen Leende in conformiteyt van het placaet van 31.1.1716, geformeert voor den jaere ingaende 1 oct. 1721 en expirerende den lesten sept. 1722.

104 RA Doopboek Leende 5 (1684-1720): op het laatste blad is deze aantekening door de pastoor bijgeschreven.

105 GA Heeze; Reekeninge, bewijs etc.; Borgemeesterrekeningen van Leende 1730; fol. 34.

106 GA Heeze; Resolutieboek Heeze, 1714-1740; fol. 72 ev.

107 RA Heeze R 164; fol. 206; d.d. 23.12.1735.

De Brabantse Leeuw, jrg. 18, blz. 129 t/m 150: "Maas" (Leende-Valkenswaard; genealogie 1969), door A.F.N. van Asten.

 

HET GESLACHT BULL-POMPE (Correcties op het vorig nummer)

In de bijdrage geplaatst in het vorig nummer staan verschillende drukfouten en onjuistheden die we wegens onze reis van 5 weken naar het buitenland niet uit de drukproeven hebben kunnen halen. Ook de opmaak van de tekst blijkt op sommige plaatsen verwarrend te werken doordat alle tekst praktisch op één lijn staat, bij inspringen op enkele plaatsen zou het geheel duidelijker geweest zijn . Onze excuses voor deze tekortkoming.

-blz. 4, in de voorlaatste alinea staat achter c: (RA Leende 1); dit moet zijn : (RA Leende 2).

-blz. 6, er staat: a. Adrianus Maes, . . . . . . . 12.10.1658; dit moet zijn 12.10.1659 (RA Leende 4) met als doopheffers Andreas Peter van Put en Catharina Tielens.

-blz. 9, regel 7, er staat: Joanna en Willem hadden als kinderen; er moet dan volgen: a. Jacobus Hogaerts (ook Hogers), gedoopt te Leende op 28.11.1634 (RA Leende 2), dooph. Joannes Maes en Judoca Wouter Colen.

b. Dymphna Hogaerts, gedoopt 3.1.1637.

c. Maria Hogaerts, gedoopt 15.10.1639, dooph. Joannes Bul en Maria Jacob de Smidt dr.

d. Maria Hogaerts, gedoopt 24.9.1640, dooph. Bartholomeus Hogers ex. Hamont. Maria huwde op 3.1.1677 met Bartholomeus Jacob Berghmans uit Leende.

-blz. 10, de letters c.d.e., voor de tweede, vierde en vijfde regel van boven, veranderen in: e. f. g.

-blz. 10, regel 15 ev. er staat: Diezelfde Jan Goort . . . . . . . . . . . . . . . afgebrand. Deze 12-regelige tekst staat hier fout en moet 'n stuk lager geplaatst worden achter: b. Joannes van Engelen, gedoopt 13.3.1645 . . . . . . . . . . . . . Pompen.

Die tekst moet dan luiden: - Deze Joannes van Engelen ook wel genoemd Jan Goort van Pelt liet in . . . . . . . . . . . . . . . . . . afgebrand.

-blz. 11, regel 13, er staat: Zij is een dochter van; dit moet zijn : Zij is op 5.5.1636 te Leende gedoopt als dochter van Jan Bitters . . . . . . . .

-blz. 11, regel 23, er staat: b. Wilhelmus Bul; moet zijn : 2. Wilhelmus Bul. regel 24, er staat: c. Dymphna Bul; moet zijn : 3. Dymphna Bul. regel 27, er staat: (zie ll-A-1); dit moet zijn: (zie II-B-1).

-blz. 12, regel 13, 14, er staat: 'n broer van Lijskes overleden man Willem; dit moet helemaal vervallen, er moet komen staan: 'n zoon van Lijske.

*N.B. De moeder vernaderde hier wat haar zoon Hendrick Willem Bul gekocht had.

-blz. 13, regel 23, er staat: (zie II-A-4); moet zijn: (zie II-B-4).

-blz. 16 regel 22; folio 384; moet zijn: blz. 383, 384 en 385; bovendien moet bij de nummers 43 en 45: "folio" veranderd worden in "blz.".

Bij de volgende aflevering willen we een schema plaatsen waarop de gehele genealogie Bul / Pompe overzichtelijk is gerangschikt.