Heemkronijk jaar:1974, jaargang:13, nummer:3+4, blz.30 -31

Een preekstoel gesloopt.ANTWOORD: NEE HET IS GEEN WANDAAD!

door:J.Aerts.

De reaktie van A. Jansen op de publikatie over de Leender preekstoel in de vorige aflevering van de Heemkronyk bevat geen enkel nieuw argument voor het behoud van de reeds gedemonteerde preekstoel. In feite bevestigt hij mijn mening, zoals ik die heb uitgesproken in het artikel "Een duif van Walter Pompe in Leende", ook al zal dat niet bedoeld zijn.

In dat artikel staaf niet dat ik het prijzenswaardig vind, integendeel, er staat dat ik geen voorstander ben van het slopen van historisch kerkmeubilair. Een goed advies aan de heer Jansen is dan ook: lees het stukje nog eens.

Inderdaad zijn heemkundigen voor het behoud van historische zaken, maar zij moeten daarbij wei met beide benen op de grond blijven. Een eenmaal, na zorgvuldig wikken en wegen gedemonteerde preekstoel, waarvan delen zijn gebruikt voor een celebrantenzetel is niet meer te redden. Daarbij komt dan nog dat deze van weinig betekenis was en bovendien in een niet meer te herstellen toestand verkeerde. Restauratie, laat staan rekonstruktie is gewoon irreeel.

Hieronder nog enig commentaar op de door Jansen genoemde punten:

a. Niemand heeft beweerd, dat de duif een meesterteken is en evenmin dat Pompe beter of slechter zou zijn dan welke beeldhouwer ook. Het betoog hier is dus niet ter zake.

Dat een werkstuk van Walter Pompe, als het geen deel meer uitmaakt van bijvoorbeeld een preekstoel, zijn waarde zou verliezen, lijkt mij een loze kreet.

Het is niet verplicht om de ontdekking van Walter Pompe zijn naam op de duif gelukkig te vinden, maar het mag wel. De opmerking, dat dat in ruil zou moeten gaan voor een 17de eeuwse preekstoel is niet ter zake.

b. Ik heb alleen gezegd, dat het een mooi fries is. Zijn opmerkingen zijn daarom ook hier overbodig. 

c. Na de duif en het fries als onbetekenend te hebben afgeschilderd, gaat de heer Jansen aan de reliefs bijna een waarde toekennen die hij voor eerstgenoemde delen niet kan opbrengen. Uitdrukkingen als "gewetenloze sloop" en "wandaad" staan in geen verhouding tot wat er is gebeurd.

Wat de wijziging van de titel betreft wil ik opmerken, dat we daarmee een misgreep wilden verzachten; maar blijkbaar stelt hij er prijs op.

d. Ik heb de trap niet gedateerd, maar aan de hand van in het archief gevonden feiten een veronderstelling gedaan die niet onjuist hoeft te zijn. De preekstoel noemde ik een interessante puzzel, waarmee we overigens al aardig opgeschoten zijn.

Iedereen die het boek "Dyt Gheyt aen der kyrcken van leendt" gelezen heeft, weet dat deze in veel opzichten een puzzel is. Dat staat er niet uitdrukkelijk bij en daarom bevestigen wij dat hier graag voor degenen die het net nog niet hadden begrepen.

e. Van een beeldenstorm kan men niet spreken, zelfs niet in een figuurlijke zin.

f. Die preekstoel in de kerk van Leende was een architectuurbederver. De heren Jansen en Van Leeuwen leveren voor deze stelling zelf het overtuigende bewijs.

Foto 4 bij een door hen samengesteld stencil over de kerk van Leende, waarover u elders in dit nummer meer kunt lezen, toont overduidelijk aan, dat de preekstoel het lijnenspel van de architectuur volkomen vernield. Sinds mei 1974 zijn in de kerk geen veranderingen meer aangebracht! De preekstoel ontnam voor een deel van de kerkbezoekers zelfs het zicht op het altaar. Dat kan van de celebrantenzetel niet gezegd worden. De bezwaren tegen de dominerende positie van de zetel zijn meer nog van praktische aard. Met opzet heb ik mij hierover niet uitgelaten.

Dit om niet de verdenking op mij te laden, tot degenen te behoren wier kritiek niet geheel en al zuiver op de graad is. Met uitdrukkingen als "banaal" wordt de zaak buiten z'n proporties getrokken en daar is niemand mee gediend.

g. Sterker nog, ik blijf volhouden dat Leende geen ramp is overkomen. Alle argumenten en feiten samen laten geen andere konklusie toe.